Je klant vraagt je aan voor een gesprek bij de sociale werkvoorziening (een bedrijf dat werkt onder de Wet Sociale Werkvoorziening, een WSW-bedrijf). Of hij vraagt je aan bij een regulier bedrijf, maar hij is daar gedetacheerd vanuit het WSW-bedrijf. Het gaat er hier dus om wie zijn loon betaalt. Het gaat bijvoorbeeld om werkoverleggen, gesprekken bij de ARBO-arts en functioneringsgesprekken.

In dat geval is er geen recht op een tolkvoorziening. De overheid redeneert dat WSW-bedrijven geld krijgen om aanpassingen te betalen die nodig zijn om de werknemer te kunnen laten werken. Communicatie met tolk is 1 van die aanpassingen. Daar gaat het vaak mis, communicatie wordt niet door elk bedrijf als noodzakelijke voorwaarde gezien om te kunnen blijven werken. Een uitzondering hierop is het eerste kennismakingsgesprek met een WSW-bedrijf. Declaratie hiervan mag op leefuren.

Er is over dit onderwerp, ook via Dovenschap, al veel over te doen geweest. Er zijn veel schrijnende situaties. Dat heeft vooralsnog niet geleid tot een aanpassing van de regelgeving.

In de praktijk: laat je altijd aanvragen door het bedrijf zelf, ook als de tolkgebruiker jou zelf benadert. Vraagt het bedrijf je niet aan en je komt toch, dan wordt je niet betaald. Als het bedrijf je aanvraagt, kun je hier rekening mee houden. Je bent namelijk vrij om je eigen tarieven te bepalen en afspraken te maken.

Om het nog iets ingewikkelder te maken. Het kan zijn dat je wordt aangevraagd door je klant voor een gesprek bij een WSW-bedrijf. De klant is hier in het kader van een I(ndividuele)R(eïntegratie)O(vereenkomst)-traject geplaatst. Een IRO-traject is ALTIJD een traject bij UWV. Je klant moet dan reguliere tolkuren voor het werk aanvragen bij UWV. Dan kun je dus wel bij het WSW-bedrijf tolken zonder aanvraag van het bedrijf zelf!